← Blog

De tien clausules die uw aandeelhoudersovereenkomst moet bevatten

Starten en structuur·11 augustus 2026·11 min

De statuten zijn openbaar en gelden tegenover iedereen. De aandeelhoudersovereenkomst is een contract tussen de aandeelhouders onderling: niet openbaar, soepeler te wijzigen en veel gedetailleerder. In een kmo hoort het meeste daarin. En belangrijker dan de tekst: het zijn tien gesprekken die u moet voeren, geen document dat u laat maken.

De tien clausules, in de volgorde waarin ze pijn doen

Eén: bestuur en beslissingsbevoegdheid. Wie zit in het bestuursorgaan, hoeveel stemmen heeft elk, welke beslissingen vragen unanimiteit of een versterkte meerderheid? Zet er bedragen bij, geen categorieën.

Twee: de lijst van bijzondere beslissingen. Kapitaalverhoging, schuld boven een bedrag, aanwerving van een directielid, verkoop van activa, nieuwe activiteit, dividend. Hierop bouwt een minderheidsaandeelhouder zijn bescherming.

Drie: overdrachtsbeperkingen. Standstill, voorkooprecht en goedkeuringsclausule. Zonder deze drie kan uw medeaandeelhouder morgen verkopen aan iemand met wie u nooit had willen samenwerken.

Vier: tag along en drag along. Mag u mee verkopen tegen dezelfde prijs als de meerderheid vertrekt? En kan één kleine aandeelhouder een goed bod blokkeren?

Vijf: de waarderingsmethode. Niet 'in onderling overleg', maar een formule: een multiple op genormaliseerde ebitda, een gemiddelde over drie jaar, een derde-expert bij onenigheid.

Zes: uittreding en uitsluiting. Wanneer mag iemand eruit en wanneer moet iemand eruit — zware fout, langdurige ongeschiktheid, concurrerende activiteit?

Zeven: overlijden en echtscheiding. Zonder regeling erven partner of kinderen de aandelen. Zij kennen het bedrijf niet en willen er soms ook niet in zitten.

Acht: niet-concurrentie en niet-afwerving, met een redelijke duur en een afgebakend gebied. Te ruim opgesteld is nietig en dan hebt u niets.

Negen: informatierecht. Welke cijfers krijgt een aandeelhouder, hoe vaak, binnen welke termijn? Hier beginnen de meeste minderheidsconflicten — niet door leugens, maar door stilte.

Tien: geschillenregeling. Bemiddeling, een onafhankelijke derde, een koop-of-verkoopclausule en welke rechter of arbitrage bevoegd is.

Doorgerekend: wat één ontbrekende formule kost

Een bedrijf met 300.000 euro genormaliseerde ebitda. Aandeelhouder B, dertig procent, wil eruit. Zonder afgesproken methode rekent hij met een multiple van zes: 1,8 miljoen ondernemingswaarde, dus 540.000 euro voor zijn pakket. De blijvende aandeelhouder rekent met vier, minus 400.000 euro netto financiële schuld: 240.000 euro.

Verschil: 300.000 euro. Beide berekeningen zijn verdedigbaar. Wat volgt zijn maanden discussie, twee waarderingsverslagen aan gemiddeld 7.500 euro en een middenweg die niemand eerlijk vindt.

Met een afgesproken formule — gemiddelde ebitda over drie boekjaren, multiple vijf, minus netto financiële schuld, tien procent minderheidskorting — was het een berekening van twintig minuten geweest. Niet aangenamer, wel onbetwistbaar.

Vier fouten die ik het vaakst zie

Een model van het internet invullen: de clausules staan er, maar ze zijn niet op elkaar afgestemd en verwijzen naar rechtsfiguren die in België anders werken.

De overeenkomst tekenen en nooit meer bekijken. Een tekst uit het startjaar past zelden nog bij een bedrijf met drie keer zoveel omzet en een extra aandeelhouder.

Geen sanctie voorzien. Zonder schadebeding of aankoopoptie is een verplichting een aanbeveling.

De overeenkomst niet afstemmen op de statuten, waardoor een clausule wel geldt tussen aandeelhouders maar niet tegenover een derde koper.

Wat het kost en waarnaast u dat moet leggen

Voor een degelijke overeenkomst in een kmo mag u rekenen op enkele duizenden euro's, afhankelijk van de complexiteit. Dat bedrag lijkt hoog naast een bedrijf dat nog weinig waard is.

Leg het niet naast uw huidige waarde, maar naast de kost van één conflict: waarderingsverslagen, advocaten, maanden zonder beslissing en een bedrijf dat stilvalt terwijl twee aandeelhouders elkaar bezighouden. In elk dossier dat ik van dichtbij zag, was de overeenkomst de goedkoopste post.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen statuten en een aandeelhoudersovereenkomst?

Statuten zijn openbaar, staan in de notariële akte en gelden tegenover iedereen. Een aandeelhoudersovereenkomst is een onderhandse overeenkomst tussen de aandeelhouders: niet openbaar, gedetailleerder en makkelijker aan te passen. Cruciale bepalingen zoals overdrachtsbeperkingen stemt u best af op de statuten, zodat ze ook tegenover derden werken.

Hebben twee aandeelhouders in een kleine kmo dit echt nodig?

Juist dan. Bij twee aandeelhouders is er geen derde stem om een patstelling te doorbreken en valt bij overlijden of ziekte meteen de helft van de zeggenschap weg. Een overeenkomst met een doorbraakregeling en een waarderingsmethode is in die situatie het meest waard.

Wat is een liquidatiepreferentie en hoort die hierin?

Een liquidatiepreferentie bepaalt wie bij een verkoop eerst betaald wordt. Ze duikt op zodra er een investeerder instapt en hoort dan in de aandeelhoudersovereenkomst of de investeringsovereenkomst. Reken ze altijd door in twee exitscenario's voor u tekent.

Arvix begeleidt KMO's als extern bestuurder en lid van een raad van advies. Neem contact op om vrijblijvend af te toetsen.

Verder lezen